Doorgaan naar hoofdcontent

Onze straathonden

Ik weet dat wij geen straathonden zouden moeten voeren. Waar houdt het op? Ik heb zelf vier honden, één kater, één poes en nog een hele zwik kippen, hanen, parelhoenders en fazanten te voeden. Mircea zegt altijd dat ik echt niet de beesten buiten op straat eten moet geven want dan worden het er steeds meer die zich voor je deur verzamelen. Toch is hij altijd degene die over stag gaat en de honden iets te eten geeft. Hij kan het leed vaak niet aanzien. Dan blijft zo'n hond natuurlijk terugkomen. Dat zou ik ook doen als ik een hond was. 
In ieder geval hebben wij al ruim een jaar twee mannetjes honden voor het hek lopen die elke dag om eten komen vragen en dat van ons krijgen. De kinderen krijgen gelukkig van school elke dag broodjes mee naar huis en die geef ik aan de honden.
Je ziet een duidelijke rangorde bij deze twee honden. Degene die hier als eerste is gekomen, Lopje genaamd, is de baas. Die pakt ook het eten af van de jongere hond, Ollie genoemd door de kinderen, dus blijf ik er altijd bij als ik ze eten geef. Dit om ervoor te zorgen dat Ollie rustig kan eten. Lopje is namelijk razendsnel met het eten in zijn mond proppen en Ollie is duidelijk een stuk slomer. 'Survival of the fittest' zullen wij maar zeggen. 

Lopje voelde zich de afgelopen week met die ijzige kou duidelijk niet lekker. Hij lag aan de overkant van de weg onder het afdakje van de waterput. Het sneeuwde, het waaide en het was ijzig koud. Echt guur winterweer. Hij lag daar niet beschermd tegen de kou en de wind. Ik hoef mijn hoofd maar boven het hek uit te steken of Lopje weet niet hoe snel hij voor mijn neus moet staan. Nu was dat niet het geval. Ollie daarentegen stond er wel vrolijk kwispelstaartend. Hij leek weinig last te hebben van de kou en de sneeuw.
Ik liep naar Lopje toe en zag dat hij gelukkig op iets van stro lag, maar wel in de sneeuwstorm. Hij wilde niets eten. Het brood dat ik voor hem neerlegde raakte hij niet aan. Op zulke momenten breekt je hart, maar je kan niet zoveel. Er zijn veel beesten die de kou moeten trotseren. Een dag later zat hij op het terrein naast ons huis tegen een boom aangeleund. Hij bewoog wat heen en weer en leek af en toe om te vallen. 
Er zijn mensen hier in de buurt die het niet eens zijn dat wij die twee honden eten geven. De honden blaffen naar voorbijgangers, maar doen verder niets. Ik denk dat sommige mensen in de buurt vinden dat wij de beesten binnen ons hek moeten nemen. Daar valt best iets voor te zeggen, maar aan de andere kant hebben wij die honden niet als puppy als grof vuil op straat gegooid en zorgen wij er wel voor dat onze honden zich niet (voortdurend) vermenigvuldigen. Ons wordt het straathonden probleem ons wel in de schoot geworpen.

Nog steeds sneeuwde het en stond er die gure wind. Mircea stelde voor om een soort afdakje voor Lopje te creëren. Dat afdakje werd uiteindelijk een mooi hok dat binnen de kortste keren in elkaar was gezet. Fijn zo'n handige man! In het begin durfden Lopje en Ollie er nog niet in te gaan, maar nu lijken zij daar, om de beurt, hun plekje gevonden te hebben. Ook al zouden zij er niet veel gebruik van maken, het geeft mij toch een rustig gevoel dat zij een plekje hebben waar ze kunnen schuilen. Het gaat ook meteen weer iets beter met Lopje. Hij staat in ieder geval weer voor mijn hek te bedelen om eten. 
Gelukkig trekt de kou zo langzamerhand het land uit en maakt het plaats voor warmere temperaturen. Ik kan niet wachten op de lente. 

Een vriendin van mij heeft via een Roemeense organisatie (Facebook: Adapost Caini Targu Frumos) een heel lieve hond uit Roemenië geadopteerd. Als je er aan denkt om een hond te nemen kun je misschien eens overwegen om een straathond uit Roemenië te adopteren. Keuze genoeg lijkt mij zo. Er zijn veel organisaties die zich hiermee bezighouden. Even googelen en je vindt er genoeg. 











Reacties

Populaire posts van deze blog

Door het oog van de naald....

Was ik net bijgekomen van het pittige autoritje van het afgelopen weekend, kreeg ik maandag opnieuw de schrik van mijn leven. Aan het begin van de avond verliet ik mijn huis om naar een ouderavond van Gabriel zijn klas te gaan in een stadje 10 km verderop. Het was donker. Ouderavonden heb je hier regelmatig. In ieder geval vaker dan ik mij kan herinneren van de Nederlandse school. Ik rijd liever geen auto in het donker in Roemenië en ik doe het alleen als het echt moet. Meestal neemt Mircea de ouderavonden in de winter voor zijn rekening, maar hij zit tegen een deadline aan met bekledingsklus van een auto. Hij moest echt doorwerken. Vandaar dat ik ging.

Het tweede dorp waar ik die avond binnen reed is een dorp waar aan het begin ervan veel mensen wonen die paarden bezitten. Deze paarden worden ingezet om houten karren voort te trekken. De mensen lopen er vaak midden op straat bij gebrek aan stoepen. Er is volgens mij in dit dorp één stoep en die loopt over de brug. Helaas laten mense…

Wat een rit!

Alina deed mee aan een landelijk concours (competitie) van de Franse taal. In Roemenië zijn ze dol op concours. Voor elk vak kan je wel meedoen aan een concours. Op een middelbare school in de Roemeense stad Ploiesti waren veel kinderen uit de regio bijeen gekomen om een Frans gedicht uit hun hoofd op te zeggen. Zo ook Alina. In haar geval was het een fabel van Jean de la Fontaine (de krekel en de mier). De afgelopen weken werd er flink op geoefend in de Franse les en uiteindelijk werden er vier kinderen uitgekozen die mee mochten doen. Zo ook Alina. Zij vind Frans een hele leuk vak op school en het gaat goed. Doordat er meerdere kinderen naar Ploiesti moesten vroeg een klasgenootje aan haar of zij en ik met hem en zijn moeder mee wilde rijden? Nou, dat wilden wij wel. Ik vond het prettig om een keertje niet te hoeven rijden. Niet uit te zoeken waar die school precies was. Niet een parkeerplek te hoeven zoeken. Gewoon lekker achterover zitten en mij rond laten rijden. Op het afgesprok…

Traktatie

Soms komt een van de kinderen met een grappig of opmerkelijk verhaal van school thuis en vertelt daar dan over. Deze keer had Gabriel een grappig voorval.
Als een kind op school in Roemenië jarig is, dan worden er meestal chocolaatjes getrakteerd. De jarige job deelt dan de chocolaatjes aan de klasgenoten uit die daar steevast een zoen op de wang voor teruggeven. Niet die ingewikkelde en tijdrovende traktaties die ik in Nederland in elkaar heb zitten flansen. Meestal een servetje met een strikje eromheen met een doosje rozijnen en een flesje bellenblaas erin.
Vooral geen snoep, maar een verantwoorde, redelijk gezonde inhoud.
Een twintigtal kaartjes met de naam van één van mijn kinderen erop en welke leeftijd hij of zij had bereikt schreef ik er dan handmatig bij en deze bevestigde ik dan met een leuk strikje aan deze traktatie.

Met een doosje van de KFC (fasfoodrestaurant) kwam Gabriel onlangs heel blij de school uitgelopen. "Hè, wat doe jij nou met een doosje van de KFC",…